Ontslag op staande voet

Inleiding
Met een ontslag op staande voet wordt een arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang beëindigd. Vanaf dat moment zal dan ook geen loon meer verschuldigd zijn aan de werknemer. Omdat de gevolgen dus ingrijpend (kunnen) zijn voor de getroffene, kan een ontslag op staande voet niet zomaar. Mocht het ontslag op staande voet onterecht zijn gegeven, dan kan de werknemer in actie komen hiertegen.

Wanneer is een ontslag op staande voet toegestaan?
Zoals eerder gezegd zijn er bepaalde voorwaarden verbonden aan het geven van een ontslag op staande voet. Er zal moeten zijn voldaan aan de volgende eisen (art. 7:677 lid 1 BW):

1. Er is sprake van een dringende reden

Met een dringende reden wordt in feite bedoeld dat er sprake moet zijn van ernstig verwijtbaar gedrag aan de kant van de werknemer. Denk hierbij aan diefstal of het weigeren om te komen werken. Maar ten aanzien van de werknemer die onder hangende glasplaten doorliep – en daarmee een belangrijk veiligheidsvoorschrift overtrad – oordeelde de kantonrechter bijvoorbeeld dat het ontslag op staande voet onterecht was gegeven. Uiteindelijk moet er ten aanzien van de vraag of er sprake is van een dringende reden altijd rekening worden gehouden met de omstandigheden van het geval. Dit maakt het ontslag op staande voet een onvoorspelbare tak van het arbeidsrecht. 

2. Het ontslag op staande voet is onverwijld gegeven

Hiermee wordt bedoeld dat na het verwijtbare gedrag van de werknemer de werkgever direct over moet gaan tot het geven van een ontslag op staande voet. Dit betekent niet dat de werkgever niet de mogelijkheid heeft om de werknemer eerst te schorsen en vervolgens nader onderzoek te doen naar het gedrag in kwestie. 

3. De dringende reden moet aan de werknemer onverwijld zijn medegedeeld

De reden voor het ontslag zal dan ook meteen moeten worden medegedeeld aan de werknemer. In de praktijk geschiedt dit vaak mondeling en wordt er later een schriftelijke bevestiging hiervan aan de werknemer toegezonden. 

Gevolgen en acties van de werknemer
Met het ontslag op staande voet komt er dus direct een einde aan de arbeidsovereenkomst en daarmee dus aan de rechten/plichten die een werknemer daaraan kan ontlenen. Wanneer het ontslag op staande voet terecht is gegeven, heeft de werknemer hiermee ook zijn recht op een WW-uitkering verspeeld. 

In de praktijk blijkt een ontslag op staande voet vaak een complexe zaak te zijn, waar het niet altijd vaststaat dat het ontslag op staande voet ook daadwerkelijk terecht is gegeven. De werknemer heeft vervolgens twee maanden de tijd om het ontslag aan te vechten bij de rechter. Ondanks dat het ontslag op staande voet is onderworpen aan strakke regels en ingrijpende gevolgen heeft, is het dus wel de werknemer die actie moet ondernemen hiertegen. Wanneer de rechter oordeelt dat het ontslag onterecht is gegeven, kan het ontslag op staande voet ongedaan worden gemaakt of de werknemer een financiële (ontslag)vergoeding toekennen. 

Conclusie
Een ontslag op staande voet is een ingrijpende sanctie die de werkgever kan inzetten bij ernstig verwijtbaar gedrag aan de kant van de werknemer. Er zal dan wel sprake moeten zijn van een dringende reden, onverwijld ontslag en een onverwijlde mededeling hiervan aan de werknemer. Met het ontslag op staande voet eindigt de arbeidsovereenkomst direct. In de praktijk blijkt een terecht ontslag erg afhankelijk te zijn van de omstandigheden van het geval en is het ontslag op staande voet ook lang niet altijd terecht. In dat geval kan het ontslag ongedaan worden gemaakt of bestaat het recht op een ontslagvergoeding. 

Geschreven door Mark de Mooij en Ahlam Hayaty